ECLI:NL:RBALM:2010:BL3104
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging Wajong-uitkering wegens onvoldoende motivering bij CVS-beoordeling
Eiseres ontving een Wajong-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid van 45-55%, welke door verweerder werd beëindigd op grond van een inschatting dat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank beoordeelde het geschil waarbij het Protocol Chronische-vermoeidheidssyndroom (CVS) als wetenschappelijk kader werd gehanteerd. De verzekeringsarts had onvoldoende rekening gehouden met de beperkingen die CVS kan veroorzaken en had ten onrechte het ontbreken van objectiveerbare afwijkingen als reden genomen om beperkingen te ontkennen.
De rechtbank oordeelde dat CVS een erkende, invaliderende aandoening is die beperkingen in functioneren kan veroorzaken die als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolgen moeten worden beschouwd. De verzekeringsarts dient bij de beoordeling van beperkingen uit te gaan van de door de belanghebbende ervaren klachten en belemmeringen, wat in deze zaak onvoldoende was gebeurd. Tevens was de communicatie over het doel van het gesprek met de verzekeringsarts onduidelijk, waardoor eiseres niet de juiste informatie kon verstrekken.
Daarom werd het besluit vernietigd wegens een motiveringsgebrek en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de Wajong-uitkering wordt vernietigd wegens een motiveringsgebrek en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.