ECLI:NL:RBALM:2009:BK4928
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen huisverbod wegens gebrek aan procesbelang
Eiser heeft beroep ingesteld tegen twee besluiten van de burgemeester van Enschede waarin huisverboden werden opgelegd op grond van de Wet tijdelijk huisverbod (Wth). De huisverboden golden respectievelijk van 16 tot 26 april 2009 en van 15 tot 25 mei 2009. Eiser verzocht tevens om een voorlopige voorziening, die later werd ingetrokken.
De rechtbank oordeelt dat er onvoldoende procesbelang bestaat omdat de periodes waarvoor de huisverboden golden zijn verstreken en het nastreven van vernietiging van de besluiten voor eiser geen feitelijke betekenis meer heeft. De wetgever voorziet in een snelle voorlopige voorzieningprocedure om de tenuitvoerlegging van een huisverbod te kunnen bestrijden. Eiser heeft bovendien geen schadevergoeding gevorderd, zodat de rechtbank de rechtmatigheid van de besluiten niet hoeft te beoordelen.
Eiser stelde dat er een algemeen en persoonlijk belang bestond, onder meer vanwege mogelijke gevolgen voor procedures bij de kinderrechter en de ondertoezichtstelling van zijn kinderen. De rechtbank overweegt echter dat het huisverbod niet punitief is en dat de kinderrechter en Bureau Jeugdzorg eigen onderzoek doen, waardoor geen aanleiding bestaat om de rechtmatigheid van de besluiten te toetsen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de huisverboden wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.