ECLI:NL:RBALM:2009:BH2422
Rechtbank Almelo
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen bouwvergunning wegens strijd met bestemmingsplan
De Gedeputeerde Staten van Overijssel en de regionaal inspecteur van de VROM-inspectie Regio Oost verzochten de rechtbank om een voorlopige voorziening tegen een bouwvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hof van Twente. GS werd niet als belanghebbende erkend, omdat zij geen taak hebben bij de controle op bouwvergunningen. De inspecteur werd wel als belanghebbende aangemerkt vanwege zijn toezichthoudende taak op grond van de Woningwet.
De kern van het geschil betrof de vraag aan welk bestemmingsplan het bouwplan moest worden getoetst. Het college stelde dat het wijzigingsplan van toepassing was, maar dit wijzigingsplan was volgens de rechtbank onverbindend omdat het niet gebaseerd was op een geldige grondslag in het moederbestemmingsplan. Het moederplan kende het perceel de bestemming “Woonbebouwing” toe, terwijl het wijzigingsplan een agrarische bestemming gaf zonder daartoe bevoegd te zijn.
De rechtbank oordeelde dat de bouwvergunning in strijd was met het moederplan en daarom niet van rechtswege was verleend. De voorlopige voorziening werd toegewezen en het besluit geschorst tot zes weken na de beslissing op het bezwaar van de inspecteur. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de inspecteur.
Uitkomst: De bouwvergunning is geschorst omdat het wijzigingsplan onverbindend is en het bouwplan in strijd is met het moederbestemmingsplan.