ECLI:NL:RBALM:2008:BE8776
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Koopmans
- Rechtspraak.nl
Beëindiging managementovereenkomst wegens ontoelaatbaar gesprek met uitzendkracht
Partijen sloten een managementovereenkomst voor de periode van 10 oktober 2007 tot 10 oktober 2008, waarbij eiser als interim-manager werkzaamheden verrichtte voor gedaagde BV.
Op 29 mei 2008 voerde eiser een gesprek van 60 tot 70 minuten met een nieuwe uitzendkracht, waarin onderwerpen met een seksueel getinte lading aan de orde kwamen en hij haar een baan aanbood waarvoor zij niet gekwalificeerd was. Dit gesprek leidde tot onrust binnen de organisatie en de uitzendkracht voelde zich bedreigd en meldde zich ziek.
Gedaagde BV beëindigde de managementovereenkomst op 2 juni 2008 met onmiddellijke ingang op grond van gegronde redenen zoals opgenomen in artikel 3.2 van de overeenkomst. Eiser stelde dat de beëindiging onterecht was en vorderde nakoming of schadevergoeding.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de beëindiging gerechtvaardigd was vanwege het ontoelaatbare gedrag van eiser, dat de bedrijfsvoering en het gezag van eiser als interim-manager ondermijnde. Tevens werd benadrukt dat het hier een managementovereenkomst betrof, geen arbeidsovereenkomst, waardoor minder bescherming geldt. De vordering van eiser werd afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De eenzijdige beëindiging van de managementovereenkomst door gedaagde BV is rechtmatig verklaard en de vordering van eiser is afgewezen.