ECLI:NL:RBALM:2008:BE8684
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.M.B. Elferink
- A.M. Rikken
- R.J. Jue
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boetes op grond van de Meststoffenwet voor onjuist vervoersbewijs dierlijke mest
De rechtbank Almelo behandelde een geschil over bestuurlijke boetes opgelegd door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan eiseres, een onderneming die in 2006 421 vrachten ongeboren mest heeft afgenomen zonder correcte vervoersbewijzen. De boetes zijn opgelegd wegens overtreding van artikel 53 van Pro het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet, dat voorschrijft dat leverancier, vervoerder en afnemer gezamenlijk een vervoersbewijs moeten opmaken en ondertekenen.
Eiseres voerde aan dat alleen de vervoerder verantwoordelijk is voor het vervoersbewijs en dat de minister niet bevoegd was de boetes op te leggen. De rechtbank oordeelde dat de bevoegdheid wel bij de minister ligt en dat de verplichting tot het opmaken en ondertekenen van het vervoersbewijs zich richt tot alle betrokken partijen, waaronder eiseres. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd voor het beroep tegen de last onder dwangsom, omdat dit onder de bevoegdheid van het College van Beroep voor het bedrijfsleven valt.
De rechtbank concludeerde dat de bestuurlijke boetes terecht zijn opgelegd en dat er geen reden is tot matiging. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen de bestuurlijke boetes ongegrond en handhaaft het bestreden besluit.