ECLI:NL:RBALM:2008:BC7729
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Veer
- Rechtspraak.nl
Nietigheid aandelenleaseovereenkomsten wegens ontbreken vergunning en terugbetaling restschulden
X sloot in 1998 en 1999 twee aandelenleaseovereenkomsten met Dexia, waarbij hij een totaalbedrag van ruim € 41.700 verschuldigd was. Na beëindiging van de overeenkomsten ontstonden restschulden. X stelde dat Dexia haar zorgplicht had geschonden en dat de overeenkomsten nietig waren wegens het ontbreken van een vereiste vergunning onder de Wet op het consumentenkrediet (WCK).
De rechtbank oordeelde dat de WCK van toepassing is op deze aandelenleaseovereenkomsten en dat Dexia ten tijde van het aangaan van de overeenkomsten niet beschikte over de vereiste vergunning, waardoor de overeenkomsten nietig zijn. Dit leidde ertoe dat de wederzijdse prestaties ongedaan moeten worden gemaakt en Dexia de door X betaalde bedragen minus de helft van de restschulden moest terugbetalen.
De rechtbank wees de vordering van Dexia tot betaling van restschulden af en oordeelde dat X's verzoek tot doorhaling van een negatieve BKR-registratie niet kon worden toegewezen. Elke partij draagt haar eigen proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de aandelenleaseovereenkomsten nietig en veroordeelt Dexia tot terugbetaling van € 4.938,44 met wettelijke rente, terwijl de restschulden van X vervallen zijn.