ECLI:NL:RBALM:2006:AZ4116
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Drewes
- Rechtspraak.nl
Beslissing over bestaan en omvang van erfdienstbaarheid voetpad in burenruzie
In deze zaak staat centraal of er op 21 december 1995 rechtsgeldig een recht van erfdienstbaarheid is gevestigd ten behoeve van X en Y en ten laste van Z, en wat de omvang van dat recht is. De rechtbank bevestigt het bestaan van het recht op basis van een authentieke akte en het feit dat het pad destijds al bestond, waarbij Z onvoldoende heeft gesteld om dit te betwisten.
De omvang van het recht betreft de breedte van het voetpad. De rechtbank concludeert dat het pad een breedte van ten minste 120 centimeter moet hebben, passend bij de bestaande situatie en het gebruik met fiets of brommer aan de hand. Dit recht wordt in reconventie dienovereenkomstig gewijzigd.
Verder wijst de rechtbank de overige reconventionele vorderingen van Z af, waaronder een verbod op gebruik van het pad door X en Y en een vordering over een openslaande deur, omdat er onvoldoende belang of bewijs is. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het recht van erfdienstbaarheid wordt bevestigd en vastgesteld op een breedte van 120 centimeter, met een veroordeling tot onderhoud binnen één maand onder dwangsom.