ECLI:NL:RBALM:2006:AX2160
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Moes
- Blomhert
- Oude Aarninkhof
- Rechtspraak.nl
Toewijzing adoptieverzoek ondanks beëindiging samenleving wegens belang kind
Verzoekers dienden een verzoek tot adoptie in voor een kind dat zij reeds naar Ethiopisch recht hadden geadopteerd. Hoewel zij niet voldeden aan de wettelijke voorwaarde van drie jaar onafgebroken samenwonen voorafgaand aan het verzoek, oordeelde de rechtbank dat het belang van het kind voorop staat.
De samenleving van verzoekers was in juli 2003 geëindigd, maar zij bleven gezamenlijk verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van het kind, wat neerkomt op een co-ouderschap. Dit sluit aan bij wetsvoorstellen over voortgezet ouderschap na scheiding.
De rechtbank stelde vast dat de duurzame binding tussen verzoekers en het kind niet was verbroken en dat adoptie de positie van het kind in familierechtelijke en erfrechtelijke zin gelijk zou trekken met die van haar eerder geadopteerde zus. De nieuwe partners en de bijzonder curator ondersteunden het verzoek, evenals de Raad voor de Kinderbescherming.
Daarom werd het verzoek tot adoptie en voornaamswijziging toegewezen, met het oog op het belang en de bescherming van het kind.
Uitkomst: Het verzoek tot adoptie en voornaamswijziging wordt toegewezen ondanks het niet voldoen aan de samenlevingsduur, vanwege het belang van het kind.