ECLI:NL:RBALM:2005:AU4900
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Stoové
- Wentink
- Veurink
- Rechtspraak.nl
Verduistering van ruim 134.000 euro door boekhouder in dienstbetrekking
Verdachte, werkzaam als boekhouder, heeft tussen 1 januari 2003 en 1 april 2004 opzettelijk geld verduisterd dat toebehoorde aan zijn werkgever en/of aanverwante partijen, in totaal circa 134.405 euro. De rechtbank acht dit bewezen op basis van wettige bewijsmiddelen en verklaart verdachte strafbaar voor verduistering zoals omschreven in artikel 322 jo Pro. 321 Sr.
Hoewel de feiten ernstig zijn en het benadelingsbedrag substantieel, houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte niet eerder met justitie in aanraking is geweest en met zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder een psychologisch rapport dat hem verminderd toerekeningsvatbaar acht. Daarom legt de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 8 maanden op, gecombineerd met een werkstraf van 240 uur.
De civiele vordering tot schadevergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat deze niet eenvoudig van aard is en niet binnen deze strafprocedure behandeld kan worden. Verdachte wordt vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen zijn verklaard. De voorlopige hechtenis wordt opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 8 maanden en een werkstraf van 240 uur wegens verduistering.