ECLI:NL:RBALM:2005:AS6722
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging vrijwillige ZW- en WAO-verzekering wegens niet-betaling premies
Eiser was sinds 1989 vrijwillig verzekerd voor Ziektewet (ZW) en Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Verweerder beëindigde de verzekeringen per 1 september 2003 vanwege een betalingsachterstand van meer dan twee volle kalendermaanden. Eiser had diverse aanmaningen en herinneringen ontvangen, maar betaalde niet tijdig.
Eiser stelde dat het besluit in strijd was met het zorgvuldigheids-, motiverings-, evenredigheids- en rechtszekerheidsbeginsel, en dat verweerder niet ondubbelzinnig had gewaarschuwd. Verweerder verwees naar de wettelijke verplichting en het buitenwettelijke beleid met duidelijke criteria en waarschuwingen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder conform de wet en het beleid had gehandeld. De waarschuwingen waren ondubbelzinnig en de procedure helder. Er was geen sprake van willekeur of schending van rechtszekerheid. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde omdat eiser bewust het risico van royement had genomen.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit in stand kon blijven en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de beëindiging van zijn vrijwillige ZW- en WAO-verzekeringen wordt ongegrond verklaard.