ECLI:NL:RBALM:2004:AO7416
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Berg
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt opgelegd aan veroordeelde
In deze zaak heeft de politierechter te Almelo geoordeeld over een ontnemingsvordering tegen een veroordeelde die twee oogsten van een hennepplantage op zolder had. Hoewel de veroordeelde een deel van de oogst zelf gebruikte en de rest gratis weggaf, werd vastgesteld dat hij een wederrechtelijk voordeel had genoten van €1818,85.
De rechtbank baseerde de schatting van het voordeel op wettige bewijsmiddelen en de verklaring van de veroordeelde over het aantal bruikbare hennepplanten (70 planten, elk met een gewicht van 15 gram). De waarde per kilogram hennep werd vastgesteld op €2268,90, waaruit het netto voordeel werd berekend.
De rechtbank oordeelde dat de bestemming van de oogst (gebruik of gratis afgifte) geen invloed heeft op de waarde van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Veroordeelde werd als geestelijk vader van de plantage aangemerkt en kon vrij beschikken over de opbrengst, waardoor het gehele voordeel aan hem wordt toegerekend.
Er werd geen aanleiding gezien om rekening te houden met een ontoereikende draagkracht van de veroordeelde bij het opleggen van de betalingsverplichting, maar dit kan bij de tenuitvoerlegging worden meegenomen. De beslissing is genomen op basis van relevante artikelen uit het Wetboek van Strafrecht en Wetboek van Strafvordering.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €1818,85 aan wederrechtelijk verkregen voordeel terug te betalen aan de Staat.