ECLI:NL:RBALM:2001:AB0885
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Stoové
- Koopmans
- Roelvink
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en veroordeling voor medeplegen verkrachting van minderjarig slachtoffer
De rechtbank Almelo heeft op 5 april 2001 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van meerdere zedendelicten. Voor de meeste tenlastegelegde feiten werd verdachte vrijgesproken wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte medepleegde aan de verkrachting van een jong kind in de gemeente Enschede tussen november 1997 en september 1998.
De bewezenverklaring betrof het seksueel binnendringen van het lichaam van het slachtoffer door verdachte en mededaders, waarbij geweld en bedreiging met een pistool werden gebruikt. De rechtbank achtte de verklaring van het slachtoffertje geloofwaardig en ondersteund door andere bewijsmiddelen, ondanks kritische opmerkingen van een deskundige over de betrouwbaarheid van het slachtoffer.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van drie jaar, rekening houdend met de ernst van het feit en de maatschappelijke impact. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer en een maatregel tot betaling aan de Staat, met een vervangende hechtenis bij niet-betaling. Andere vorderingen van benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank verklaarde tevens een deel van de dagvaarding nietig wegens onvoldoende concretisering. De straf en maatregelen zijn gebaseerd op de artikelen 10, 27 en 36f van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor medeplegen van verkrachting van een minderjarig slachtoffer.