ECLI:NL:RBALM:2000:AA6139
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- mr. Haarhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering legitieme portie en geschil over materiële schenking en verzorging
De zaak betreft een geschil tussen erfgenamen over de omvang van de nalatenschap van hun vader en de vraag of sprake is van een materiële schenking aan een andere erfgenaam. De eisers stellen dat hun vader door verwerping van zijn erfdeel aan de moeder een bedrag van f 26.771,37 aan gedaagde heeft geschonken, waardoor hun legitieme portie hoger zou zijn dan toegekend. Zij vorderen betaling van het verschil vermeerderd met rente en incassokosten.
De erfgenamen betwisten dat sprake is van een schenking. Na het overlijden van de moeder is in onderling overleg besloten dat alle erfgenamen hun aandeel in de erfenis van de moeder verwerpen ten gunste van gedaagde, om verkoop van de boerderij te voorkomen. De vader bleef bij gedaagde wonen en werd verzorgd, hetgeen volgens de erfgenamen een tegenprestatie was voor het verwerpen van het erfdeel.
De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van een materiële schenking, omdat de vermeende schenking geen onderdeel uitmaakte van het vermogen van de vader. De vordering op grond van redelijkheid en billijkheid wordt eveneens afgewezen, omdat het niet onredelijk is dat gedaagde en zijn erfgenamen meer uit de erfenis ontvangen gezien de verzorging en het onderdak. De vordering wordt afgewezen en eisers worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eisers in de proceskosten.