ECLI:NL:RBALK:2012:BY9686
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering vennootschap tegen schuldenaars na schone lei in wettelijke schuldsanering
De zaak betreft een geschil tussen WWM, een besloten vennootschap, en de schuldenaars [A] en [E], waarbij de vraag centraal stond of de vorderingen van WWM worden geraakt door de schone lei die aan [A] en [E] is verleend in het kader van hun wettelijke schuldsaneringsregelingen.
De rechtbank stelt vast dat de schulden van [A] en [E] zelf onder de werking van de schone lei vallen en daarmee niet langer afdwingbaar zijn, omdat WWM deze niet ter verificatie heeft ingediend tijdens de schuldsaneringsregeling. Echter, de schulden die voortkomen uit de nalatenschap van hun overleden vader [W], waaronder aandelen in WWM en een woning, zijn niet geraakt door de schone lei. Dit omdat [A] en [E] de nalatenschap hebben aanvaard en zowel baten als lasten dragen.
De rechtbank wijst de vordering van WWM toe tot een bedrag van €7.464,38 per schuldenaar, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 10 februari 2012, en veroordeelt [A] en Van den Biggelaar hoofdelijk tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. Verrekening door Van den Biggelaar wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De vorderingen zijn uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.
Uitkomst: Vordering van WWM deels toegewezen tegen [A] en Van den Biggelaar tot betaling van €7.464,38 met rente en kosten.