ECLI:NL:RBALK:2012:BY6560

Rechtbank Alkmaar

Datum uitspraak
5 november 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
389966 \ CV EXPL 11-5647
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 2 overeenkomst d.d. 15 juni 2011
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vermeerdering van eis na opzegging incasso-overeenkomst

Juresta Nederland B.V. vordert betaling van een jaarlijkse bijdrage en incassokosten van gedaagde, op grond van een incasso-overeenkomst gesloten op 15 juni 2011. Gedaagde voert verweer dat hij de overeenkomst telefonisch heeft opgezegd wegens wanprestatie van Juresta.

De rechtbank oordeelt dat het verweer van gedaagde onvoldoende is onderbouwd en dat de vordering over de periode van 15 juni 2011 tot 15 juni 2012 toewijsbaar is. De vermeerdering van eis voor de periode van 15 juni 2012 tot 15 juni 2013 wordt afgewezen, omdat Juresta uit het verweer van gedaagde had moeten begrijpen dat de overeenkomst was opgezegd.

De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van € 531,75, inclusief rente en incassokosten, en draagt de proceskosten aan hem op. De veroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 531,75 met rente en incassokosten, vermeerdering van eis afgewezen wegens rechtsgeldige opzegging.

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR
Sector Kanton - locatie Hoorn
Zaaknummer/rolnummer: 389966 \ CV EXPL 11-5647 BL
Uitspraakdatum: 5 november 2012
Vonnis in de zaak van:
389966 \ CV EXPL 11-5647
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Juresta Nederland B.V., h.o.d.n. Juresta creditmanagement
gevestigd te Apeldoorn
eisende partij
verder ook te noemen: Juresta
gemachtigde: mr. A. Schats te Apeldoorn
tegen
[X], h.o.d.n. [X], wonend en zaakdoend [adres]
gedaagde partij
verder ook te noemen: [x]
procederend in persoon
Het procesverloop
Voor het procesverloop verwijst de kantonrechter naar de volgende stukken:
-de dagvaarding van 9 december 2011 met producties;
-de conclusie van antwoord;
-de conclusie van repliek met producties;
-de akte vermeerdering van eis met producties;
-de conclusie van dupliek.
Vervolgens is op vandaag uitspraak bepaald.
Het geschil
1. Juresta vordert bij inleidende dagvaarding betaling van een hoofdsom van € 419,18 van [x]. Ook vordert Juresta betaling van contractuele rente (tot 1 december 2011 berekend op € 37,57) en incassokosten (€ 75,00). Daarbij stelt Juresta – kort weergegeven – het volgende. Partijen zijn op 15 juni 2011 een incasso-overeenkomst Nederland (en een advocatenovereenkomst) aangegaan, onder toepasselijkheid van algemene voorwaarden. Op grond van de incasso-overeenkomst is [x] een jaarlijkse bijdrage van € 419,18 (inclusief btw) verschuldigd, die voor de periode van 15 juni 2011 tot 15 juni 2012 bij factuur van 22 juni 2011 aan [x] in rekening is gebracht. [x] heeft deze factuur onbetaald gelaten, ondanks herhaalde aanmaning.
2. [x] heeft verweer gevoerd. Daartoe stelt [x] – samengevat – het volgende. Kort nadat [x] de overeenkomsten met Juresta was aangegaan, is Juresta haar verplichtingen daaruit voortvloeiende verplichtingen niet nagekomen. Daarom heeft [x] direct aan Juresta laten weten af te zien van de contracten.
3. Bij akte heeft Juresta haar vordering vermeerderd met een bedrag van € 419,18, betreffende de inmiddels verschuldigde jaarlijkse bijdrage voor de periode van 15 juni 2012 tot 15 juni 2013, die bij factuur van 3 mei 2012 aan [x] in rekening is gebracht.
4. Bij de beoordeling zal zo nodig nog nader op de standpunten van partijen worden ingegaan.
De beoordeling
5. [x] erkent dat hij de incasso-overeenkomst waarop Juresta haar vordering baseert is aangegaan. Artikel 4 van Pro deze overeenkomst bepaalt dat het verschuldigde tarief € 352,25 exclusief btw (= € 419,18 inclusief btw) per jaar bedraagt, bij vooruitbetaling te voldoen. [x] is daarom in beginsel verplicht tot betaling van deze bijdrage.
6. Het verweer van [x] dat hij kort na het aangaan van de overeenkomst(en) deze telefonisch heeft opgezegd wegens wanprestatie van Juresta slaagt niet. Dit verweer van [x] spitst zich toe op de advocatenovereenkomst, terwijl de vordering van Juresta ziet op het incasso-overeenkomst tarief. Bovendien heeft [x] – tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door Juresta – zijn verweer onvoldoende geconcretiseerd en op geen enkele wijze met stukken onderbouwd.
7. Gelet op het voorgaande wordt de gevorderde bijdrage ad € 419,18 over de periode van 15 juni 2011 tot 15 juni 2012 toegewezen. Ook de gevorderde rente daarover is toewijsbaar, omdat [x] niet weerspreekt dat deze rente is overeenkomen, dat de factuur te laat is betaald en [x] in verzuim is gekomen.
8. De in de loop van de onderhavige procedure door Juresta aan [x] gefactureerde bijdrage over de periode van 15 juni 2012 tot 15 juni 2013, waarmee Juresta haar vordering bij akte na de conclusie van repliek heeft vermeerderd, wordt afgewezen. Juresta moest uit het verweer van [x] begrijpen dat [x] van de overeenkomsten af wilde. Artikel 2 van Pro de overeenkomst d.d. 15 juni 2011 bepaalt dat deze is aangegaan voor een periode van 1 jaar, en behoudens schriftelijke opzegging 2 maanden voor het verstrijken van deze periode, stilzwijgend wordt verlengd, telkens met 1 jaar. De conclusie van antwoord van [x] dateert van 18 maart 2012. Juresta had dit verweer als opzegging moeten beschouwen. Daarmee neemt de kantonrechter als vaststaand aan dat de overeenkomst met ingang van 15 juni 2012 rechtsgeldig is opgezegd.
9. De in overeenstemming met de gebruikelijke landelijke richtlijnen (Rapport Voorwerk II) gevorderde buitengerechtelijke kosten ad € 75,00 worden toegewezen, omdat voldoende is gebleken van werkzaamheden die de gevorderde vergoeding rechtvaardigen.
10. De uitslag van de procedure brengt mee dat de proceskosten voor rekening van [x] komen.
De beslissing
De kantonrechter:
Veroordeelt [x] om aan Juresta tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 531,75, te vermeerderen met de overeengekomen rente over € 419,18 vanaf 1 december 2011 tot de dag van betaling, een en ander een bedrag van € 25.000,00 niet te boven gaand.
Veroordeelt [x] in de proceskosten, die tot heden voor Juresta worden vastgesteld op een bedrag van € 720,31 (€ 83,31 aan dagvaardingskosten, € 437,00 aan griffierecht en een bedrag van € 200,00 voor salaris van de gemachtigde van Juresta).
Verklaart deze veroordeling(en) uitvoerbaar bij voorraad.
Wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.H. Gisolf, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en op 5 november 2012 in het openbaar uitgesproken.