ECLI:NL:RBALK:2012:BY2866

Rechtbank Alkmaar

Datum uitspraak
20 september 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
406323 \ WM VERZ 12-47
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 13a WAHV
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep gegrond wegens onterechte sanctie voor ontbreken keuringsbewijs na Belgisch kenteken

Betrokkene kreeg op 27 augustus 2011 een administratieve sanctie opgelegd omdat voor zijn voertuig van 3500 kg of minder geen keuringsbewijs was afgegeven. Deze sanctie werd vastgesteld na een controle op 12 augustus 2011 in Nederland. Betrokkene stelde dat het voertuig sinds 12 juli 2011 een Belgisch kenteken had en dat de oude Nederlandse kentekenpapieren waren opgestuurd voor de registratie in België. Dit werd ondersteund door een brief van de belastingdienst waarin teruggaaf van motorrijtuigenbelasting vanaf die datum werd bevestigd.

De officier van justitie stelde voor het sanctiebedrag te matigen tot nihil maar verklaarde het beroep verder ongegrond. De kantonrechter oordeelde echter dat het beroep ontvankelijk was en dat het beroep gegrond moest worden verklaard. De kantonrechter nam aan dat het voertuig sinds 12 juli 2011 een Belgisch kenteken droeg en dat het voertuig in België was gekeurd, waardoor het twijfelachtig was of betrokkene het voertuig nog in Nederland kon laten keuren.

Daarom was de sanctie op 12 augustus 2011 onterecht opgelegd. De kantonrechter vernietigde de bestreden beslissing en droeg de officier van justitie op de zekerheidstelling terug te betalen. Er werden geen proceskosten toegekend omdat betrokkene geen kosten had gemaakt.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de sanctie wegens ontbreken keuringsbewijs wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK ALKMAAR
Sector Kanton - locatie Hoorn
Zaaknr.: 406323 \ WM VERZ 12-47 BL
Reg.nr.: T38192
Uitspraakdatum: 20 september 2012
Beschikking op een beroep ex artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV).
in de zaak van:
[betrokkene]
[adres]
hierna te noemen: betrokkene.
Het verloop van de procedure:
1. Aan betrokkene is bij beschikking van 27 augustus 2011 een administratieve sanctie opgelegd (CJIB-nummer [nummer]). Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard bij beslissing van 1 november 2011. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
2. De zaak is behandeld ter zitting van 20 september 2012. De officier van justitie en betrokkene zijn verschenen en hebben hun zienswijze toegelicht. De kantonrechter heeft ter zitting mondeling uitspraak gedaan.
Overwegingen:
3. De administratieve sanctie is aan betrokkene opgelegd ter zake van “voor het motorrijtuig van 3500 kg of minder is geen keuringsbewijs afgegeven”, betreffende het voertuig met kenteken [nummer]. Dit is geconstateerd op 12 augustus 2011 bij een registercontrole door de RDW te Veendam (pleegplaats: gemeente Stede Broec).
4. Betrokkene is het niet eens met de opgelegde sanctie en met de beslissing van de officier van justitie. Daartoe voert betrokkene – kort weergegeven – het volgende aan. Het betreffende voertuig heeft per 12 juli 2011 een Belgisch kenteken, zodat op 12 augustus 2011 ten onrechte een sanctie is opgelegd. Betrokkene onderbouwt zijn stelling met een brief van de belastingdienst d.d. 7 november 2011, waarin teruggaaf motorrijtuigenbelasting wordt verleend vanaf 12 juli 2011 omdat is gebleken dat het voertuig per die datum is voorzien van een Belgisch kenteken.
5. De officier van justitie geeft in overweging het sanctiebedrag te matigen tot nihil en het beroep overigens ongegrond te verklaren.
6. De kantonrechter overweegt in de eerste plaats dat het beroep ontvankelijk is, omdat het tijdig is ingesteld en er zekerheid is gesteld voor de betaling van de sanctie.
7. Naar het oordeel van de kantonrechter treft het beroep van betrokkene doel. De kantonrechter overweegt daarover het volgende.
8. Gelet op eerdergenoemde brief van de belastingdienst, waarvan de inhoud door de officier van justitie niet wordt betwist, neemt de kantonrechter als vaststaand aan dat het betreffende voertuig per 12 juli 2011 is voorzien van een Belgisch kenteken. Verder voert betrokkene (onbetwist) aan dat voor het verkrijgen van dat Belgische kenteken de oude kentekenpapieren zijn opgestuurd en het voertuig in België is gekeurd.
9. Daarmee is naar het oordeel van de kantonrechter twijfelachtig of betrokkene vanaf 12 juli 2011 feitelijk nog in staat was het voertuig in Nederland te laten keuren. Onder deze omstandigheden is op 12 augustus 2011 ten onrechte een sanctie opgelegd voor het ontbreken van een keuringsbewijs. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard en de zekerheidstelling moet worden terugbetaald.
10. Betrokkene heeft desgevraagd ter zitting verklaard dat geen kosten (in de zin van het Besluit proceskosten bestuursrecht) zijn gemaakt, zodat er geen aanleiding is voor een proceskostenveroordeling ex artikel 13a WAHV.
De beslissing:
De kantonrechter:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de bestreden beslissing;
- draagt de officier van justitie op het bedrag van de zekerheidstelling terug te betalen.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.H. Gisolf, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 20 september 2012 in het openbaar uitgesproken.