ECLI:NL:RBALK:2012:BX2439
Rechtbank Alkmaar
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag op panden wegens onvoldoende bewijs witwassen
In deze beklagprocedure ex artikel 552a Sv werd het conservatoir beslag op vier panden aan de Achterdam te Alkmaar aangevochten door klager. Het beslag was gelegd op verdenking van (gewoonte)witwassen, waarbij de panden zouden zijn gefinancierd met crimineel verkregen gelden.
De officier van justitie stelde dat klager en anderen via schijnconstructies de werkelijke eigendom verhulden en dat de panden afkomstig waren van misdrijf. Klager betwistte dit en stelde dat er onvoldoende bewijs was voor de verdenking en dat hij geen eigenaar was van de panden.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek in de beklagprocedure summier is en dat het dossier onvoldoende aanwijzingen bevat om het beslag te handhaven. Er was geen bewijs dat de panden bij aankoop in 2007 via schijnconstructies waren verkregen en dat de betrokkenen wisten of moesten vermoeden dat de panden van misdrijf afkomstig waren.
Daarom verklaarde de rechtbank het klaagschrift gegrond en gelastte de opheffing van het beslag op de panden aan de Achterdam 20, 22, 24 en 26 te Alkmaar.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op de panden aan de Achterdam te Alkmaar is opgeheven wegens onvoldoende aanwijzingen voor witwassen.