ECLI:NL:RBALK:2012:BX2122
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- H. Warnink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing geldvordering wegens gerede twijfel over deugdelijkheid en bestaan vordering in kort geding
Shaw vordert betaling van USD 8.000.000 van Global op grond van een vaststellingsovereenkomst (Fee-Letter) die een geschil over converteerbare obligaties moest beëindigen. De overeenkomst verplicht Global tot betaling in drie termijnen, waarvan geen enkele is voldaan. Shaw stelt spoedeisend belang te hebben vanwege de financiële situatie van Global.
Global voert verweer dat de overeenkomst naar Engels recht ondeugdelijk is en dat Shaw slechts swaps bezit, niet de obligaties zelf, waardoor zij geen finale kwijting kan verlenen. Dit leidt tot twijfel over het bestaan en de omvang van de vordering.
De voorzieningenrechter oordeelt dat in kort geding het bestaan en de omvang van de vordering voldoende aannemelijk moeten zijn. Gezien het verweer van Global is gerede twijfel ontstaan, zodat de vordering niet kan worden toegewezen. De zaak is te complex voor kort geding en dient in een bodemprocedure te worden behandeld.
Shaw wordt veroordeeld in de kosten van het geding. De rechter bevestigt de Nederlandse rechterlijke bevoegdheid en het toepasselijke Engels recht op de materiële rechtsbetrekking.
Uitkomst: De geldvordering van Shaw wordt afgewezen wegens gerede twijfel over de deugdelijkheid en het bestaan van de vordering.