ECLI:NL:RBALK:2011:BU5178
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag bij bedrijfseconomische omstandigheden
De werknemer was ruim 25 jaar in dienst bij AWF en werd ontslagen wegens bedrijfseconomische omstandigheden. Hij vorderde een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, een EVC-toetsvergoeding, kerstgratificatie en betaling van resterende crisisdagen. AWF voerde aan dat het ontslag noodzakelijk was vanwege slechte bedrijfsresultaten en dat zij voldoende inspanningen had verricht om de werknemer te ondersteunen.
De kantonrechter beoordeelde of de gevolgen van het ontslag voor de werknemer te ernstig waren in verhouding tot het belang van AWF bij de opzegging, zoals bedoeld in artikel 7:681 BW Pro. Gelet op de slechte financiële situatie van AWF en het feit dat de werknemer snel een nieuwe baan vond, werd geoordeeld dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was.
De overige vorderingen werden eveneens afgewezen omdat er geen rechtens afdwingbare verplichtingen waren voor de EVC-toets, kerstgratificatie of resterende crisisdagen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen af en veroordeelt de werknemer in de proceskosten.