ECLI:NL:RBALK:2010:BO5334
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling en cessie bij aandelenleaseovereenkomst en Dexia Aanbod
In deze zaak vordert Varde betaling van een openstaand bedrag van gedaagde voortvloeiend uit een aandelenleaseovereenkomst met Dexia. Gedaagde betwist de vordering onder meer wegens onvoldoende substantiëring en onduidelijkheid over de rechtsgeldigheid van de cessie van de vordering aan Varde.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde voldoende heeft begrepen waartegen hij zich moest verweren en dat de dagvaarding niet nietig is wegens gebrekkige substantiëring. Uit de stukken blijkt dat Dexia haar vorderingen rechtsgeldig aan Varde heeft overgedragen, waardoor gedaagde vanaf 10 januari 2008 tot 31 mei 2010 zijn betaling op redelijke gronden mocht opschorten.
De hoogte van de vordering wordt vastgesteld op € 4.489,16 met wettelijke rente vanaf 22 februari 2007 tot 10 januari 2008 en vanaf 31 mei 2010 tot de dag van betaling. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen omdat gedaagde zijn betaling op redelijke gronden heeft opgeschort. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
De rechtbank verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 4.489,16 met rente en proceskosten aan Varde.