ECLI:NL:RBALK:2010:BO1878
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wijziging hoofdverblijfplaats minderjarige ondanks advies Raad voor de Kinderbescherming
De moeder verzocht de rechtbank om de hoofdverblijfplaats van hun minderjarige kind bij haar vast te stellen, stellende dat het kind bij de vader onvoldoende zorg en structuur zou krijgen. De vader betwistte dit en vroeg de hoofdverblijfplaats bij hem te handhaven. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde de hoofdverblijfplaats bij de moeder te bepalen vanwege de behoefte aan een strenge structuur voor het kind, dat gediagnosticeerd is met ADHD.
Tijdens de procedure werd mediation geprobeerd maar zonder resultaat beëindigd. De rechtbank heeft uitgebreid de standpunten van beide ouders, het advies van de Raad en het rapport van Triversum betrokken bij haar beoordeling. De rechtbank concludeert dat de vader al jaren de hoofdverblijfplaats heeft en dat er geen voldoende onderbouwde zorgsignalen of zwaarwegende omstandigheden zijn die een wijziging rechtvaardigen.
De rechtbank hecht aan het belang van continuïteit en structuur voor het kind, en acht de huidige situatie met verblijf bij de vader het beste. Ook de verklaringen van de school en de Raad worden kritisch gewogen, waarbij een enkele verklaring van een juf niet als voldoende bewijs wordt gezien. De rechtbank wijst het verzoek van de moeder af en bepaalt dat de hoofdverblijfplaats bij de vader blijft.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder om de hoofdverblijfplaats van het kind bij haar te bepalen wordt afgewezen; de hoofdverblijfplaats blijft bij de vader.