ECLI:NL:RBALK:2009:BI0349
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening WW-uitkering wegens niet opgegeven zelfstandige uren en boeteoplegging
Eiseres ontving een WW-uitkering die door het UWV werd herzien omdat zij niet alle uren die zij als zelfstandige werkte had opgegeven, met name de niet declarabele uren. De rechtbank oordeelt dat het eiseres redelijkerwijs duidelijk had moeten zijn dat alle uren, inclusief niet declarabele, van invloed zijn op het recht op WW-uitkering. Eiseres voerde aan dat zij slechts declarabele uren had opgegeven en dat zij niet duidelijk geïnformeerd was over de verplichting tot volledige opgave.
De rechtbank stelt vast dat uit gesprekken met het UWV en het CWI geen vertrouwen kon worden ontleend dat alleen declarabele uren hoefden te worden opgegeven. Ook het feit dat de werkbriefjes niet werden gecorrigeerd, bood geen rechtvaardiging voor het achterhouden van uren. De rechtbank acht het aannemelijk dat eiseres al vanaf 10 maart 2003 productieve werkzaamheden als zelfstandige verrichtte, waardoor haar recht op WW-uitkering vanaf die datum moest worden aangepast.
Het UWV heeft terecht het besluit tot herziening van de uitkering genomen en het teveel betaalde bedrag teruggevorderd. Eiseres stelde dat het UWV in andere gevallen terugvordering achterwege laat, maar de rechtbank oordeelt dat sprake is van verschillende feitencomplexen, zodat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden.
Ten aanzien van de boete oordeelt de rechtbank dat het UWV de boete niet voldoende heeft gemotiveerd en onvoldoende rekening heeft gehouden met de omstandigheden van het geval, waardoor het boetebesluit wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Herziening WW-uitkering bevestigd, boetebesluit vernietigd en terugverwijzing voor nieuw besluit.