ECLI:NL:RBALK:2007:BC5457
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onjuiste toepassing artikel 37 lid 2 WAO bij vaststelling arbeidsongeschiktheid
Eiseres, die een WAO-uitkering ontvangt wegens arbeidsongeschiktheid, werd door verweerder beoordeeld op een ongewijzigde mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%, ondanks dat zij nieuwe klachten had ontwikkeld die haar beperkingen verergerden. Verweerder liet deze nieuwe klachten buiten beschouwing op grond van artikel 37, tweede lid, van de WAO, omdat hij meende dat er geen ondubbelzinnig verband bestond tussen de oude en nieuwe klachten.
De rechtbank oordeelde dat deze toepassing van artikel 37 lid 2 WAO Pro onjuist en onvoldoende gemotiveerd was. Uit jurisprudentie volgt dat medische beperkingen die voortvloeien uit een andere ziekteoorzaak niet per definitie buiten beschouwing moeten blijven, maar dat herziening van de uitkering achterwege kan blijven als buiten twijfel staat dat de toename niet samenhangt met de oorspronkelijke arbeidsongeschiktheid. In geval van twijfel moet de balans ten gunste van de betrokkene doorslaan.
De rapportages van de artsen en de bezwaarverzekeringsarts boden onvoldoende overtuiging dat het verband tussen de oude en nieuwe klachten definitief uitgesloten kon worden. Ook de literatuur en medische verklaringen lieten ruimte voor twijfel. Daarom werd het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij alle beperkingen worden betrokken en de juiste maatstaf wordt toegepast.
De rechtbank zag geen aanleiding om eiseres in de proceskosten te veroordelen. De uitspraak werd gedaan door rechter P.J. Jansen op 18 december 2007.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen waarbij alle beperkingen worden betrokken.