ECLI:NL:RBALK:2007:BB3504
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Huurvordering en geschil over buitengerechtelijke partiële ontbinding huurovereenkomst bedrijfsruimte
Verhuurder vordert betaling van achterstallige huur en huur voor de periode na april 2006 van huurster, die sinds mei 2003 slechts gedeeltelijk betaalt. Huurster stelt dat de huurovereenkomst buitengerechtelijk gedeeltelijk is ontbonden wegens niet tijdige renovatie en gebreken aan het pand.
De kantonrechter oordeelt dat huurster onvoldoende onderbouwt dat verhuurder ernstig tekort is geschoten in zijn verplichtingen, waardoor de buitengerechtelijke ontbinding niet gerechtvaardigd is. De gebreken en het effect op het huurgenot zijn onvoldoende gespecificeerd.
De vordering tot betaling van achterstallige huur wordt toegewezen, evenals de huur na april 2006. De vorderingen van huurster tot vermindering van huur en schadevergoeding wegens wanprestatie worden afgewezen. Huurster wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Huurster wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en volledige huur na april 2006, terwijl haar vorderingen tot ontbinding en schadevergoeding worden afgewezen.