ECLI:NL:RBALK:2007:BB2691
Rechtbank Alkmaar
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vordering tot ontruiming afgewezen wegens onvoldoende bewijs onderhuur woning
Woonschakel vorderde in kort geding de ontruiming van een woning gehuurd door [gedaagde 1], stellende dat deze de woning niet zelf bewoont maar aan derden, met name Oost-Europeanen, in gebruik heeft gegeven. De verhuurder baseerde haar vordering op onder meer buurtverklaringen, een huisbezoek waarbij een Poolse man werd aangetroffen, en signalen van Poolse auto's in de straat.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Woonschakel onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de huurder de woning niet zelf bewoont. De verklaringen van buurtbewoners waren niet schriftelijk onderbouwd, en het contact met de Poolse man kon niet leiden tot de conclusie dat deze de woning bewoonde. Ook het feit dat de huurder niet altijd thuis was, werd verklaard door zijn werk in de horeca en verblijf in Egypte.
De brief van de politie over personen van Oekraïense afkomst in de woning ondersteunde de stelling van onderhuur niet. De rechter concludeerde dat niet met voldoende waarschijnlijkheid kon worden vastgesteld dat de bodemrechter de vordering tot ontruiming zou toewijzen.
Daarom werd de gevorderde voorziening geweigerd en werd Woonschakel veroordeeld in de proceskosten. De huurovereenkomst was niet ontbonden en er waren geen betalingsachterstanden. De uitspraak benadrukt het belang van voldoende bewijs bij vorderingen tot ontruiming wegens vermeende onderhuur.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming van de woning wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat de huurder de woning niet zelf bewoont.