ECLI:NL:RBALK:2007:AZ5574
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Westdorp
- E.J.M. Tuijp
- O.M. Harms
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs poging tot doodslag
De rechtbank Alkmaar behandelde de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van poging tot doodslag en alternatieve geweldsdelicten gepleegd op of omstreeks 25 juni 2006 in Alkmaar. De tenlastelegging omvatte het opzettelijk ten val brengen van het slachtoffer en het trappen en schoppen tegen het hoofd en gezicht van het slachtoffer, alsmede het plegen van openlijk geweld samen met anderen.
Tijdens de terechtzittingen op 4 oktober 2006 en 20 december 2006 is uitgebreid bewijs en getuigenverklaringen besproken. Het slachtoffer verklaarde dat drie personen bij hem stonden, waarvan hij twee personen zag schoppen, maar niet verdachte. De verbalisant zag drie personen rondom het slachtoffer maar kon niet bevestigen dat alle drie schoppende bewegingen maakten. Een getuige hoorde een jongen zeggen om te stoppen, die niet schoppend werd gezien.
Gezien de korte duur van het incident (maximaal 20 seconden) en de verklaring dat verdachte een aanzet gaf om het geweld te beëindigen, acht de rechtbank het niet aannemelijk dat verdachte strafbare handelingen heeft verricht zoals ten laste gelegd. De rechtbank verklaart daarom dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen en spreekt verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor poging tot doodslag.