ECLI:NL:RBALK:2004:AQ7900
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J. van de Sande
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens schending gebruiksbestemming door samenwoning met vriendin en hond
De verhuurder vordert ontbinding van de huurovereenkomst van een bovenwoning boven zijn slagerij omdat de huurder daar samenwoont met zijn vriendin die een hond heeft, terwijl het huurcontract bepaalt dat alleen de huurder de woning mag bewonen. De toegang tot de woning loopt via de slagerij, waar het verboden is een hond aanwezig te hebben.
De huurder betwist dat er sprake is van een onzelfstandige woning en voert aan dat een samenwoningsverbod in strijd is met het recht op privéleven en gezinsleven (art. 8 EVRM Pro) en het verbod op discriminatie (art. 17 BUPO Pro). De kantonrechter oordeelt echter dat het contractueel beding niet in strijd is met deze verdragsbepalingen omdat het slechts ziet op het gebruik van de woning en niet op het samenwonen in het algemeen.
De kantonrechter stelt vast dat de huurder al vijftien jaar alleen woonde en dat de situatie met zijn vriendin en haar hond een duurzame verandering is die in strijd is met de contractuele afspraken. Gezien de hygiënevoorschriften voor slagerijen en het belang van de verhuurder bij het handhaven van de afspraak, wordt de ontbinding van de huurovereenkomst toegewezen met een termijn van vier maanden voor ontruiming.
De huurder wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de huurder moet de woning met toebehoren ontruimen en verlaten binnen vier maanden na betekening van het vonnis.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder moet binnen vier maanden de woning ontruimen vanwege schending van de gebruiksbestemming.