ECLI:NL:RBALK:2003:AL8204
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid en vernietiging bouwvergunning AZ-stadion wegens onvoldoende ruimtelijke onderbouwing detailhandel
De rechtbank Alkmaar behandelde het beroep van diverse verenigingen en een vastgoedbeheerder tegen het besluit van de gemeente Alkmaar om een bouwvergunning met vrijstelling te verlenen voor het AZ-stadion inclusief 40.000 m2 voor sport- en recreatiefuncties en 20.000 m2 grootschalige detailhandel. De vergunning werd aangevochten vanwege de negatieve impact van de detailhandel op bestaande voorzieningen.
De rechtbank oordeelde dat de vastgoedbeheerder niet als belanghebbende kon worden aangemerkt, waardoor haar beroep niet-ontvankelijk was. Verder concludeerde de rechtbank dat de vrijstelling op grond van artikel 19 van Pro de WRO niet voldeed aan de eis van een goede ruimtelijke onderbouwing, met name omdat de thematisering van detailhandel op sport en recreatie niet ruimtelijk relevant was en de regeling in strijd was met het ruimtelijk ordeningsbeginsel.
De rechtbank stelde vast dat detailhandel zonder branchebeperking wel tot ernstige ontwrichting van de bestaande voorzieningenstructuur kan leiden, maar dat de voorgestelde thematisering dit ruimtelijk niet rechtvaardigde. De milieu-effectrapportage was volgens de rechtbank correct tot stand gekomen en gaf geen aanleiding tot vernietiging. Uiteindelijk werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eiseressen.
Uitkomst: De bouwvergunning voor het AZ-stadion met detailhandel wordt vernietigd wegens onvoldoende ruimtelijke onderbouwing en onaanvaardbare thematisering detailhandel.