ECLI:NL:RBALK:2003:AI0651
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Lauryssen
- R.F.B. van Zutphen
- L.H.M. Quant
- Rechtspraak.nl
Zes maanden gevangenisstraf voor stelselmatige belaging van vrouwen
De rechtbank Alkmaar heeft verdachte veroordeeld voor het stelselmatig belagen van twee vrouwen in de periode van augustus 2000 tot april 2002. Verdachte maakte zonder recht herhaaldelijk inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de slachtoffers door het sturen van brieven en kaarten met intimiderende inhoud, het bellen van hen en het zonder reden benaderen bij hun woningen.
De bewijslast bestond uit meerdere proces-verbalen met verklaringen van de slachtoffers, waarin zij de langdurige en ongewenste gedragingen van verdachte uiteenzetten. Daarnaast werden schriftelijke bewijzen zoals brieven en ansichtkaarten overgelegd, waarin verdachte onder meer uitte kinderen met de slachtoffers te willen krijgen. Verdachte was niet verschenen op de terechtzitting, waardoor de rechtbank verstek heeft verleend.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte met het oogmerk de slachtoffers te dwingen iets te doen of te dulden, herhaaldelijk en zonder recht hun persoonlijke levenssfeer had geschonden. De psychologische rapportage wees op een narcistische persoonlijkheidsstoornis en een verminderd toerekeningsvatbaarheid. Gezien de ernst van de feiten en het ontbreken van een behandelplan werd een gedeeltelijk onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd.
De rechtbank bepaalde de straf op zes maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Tevens werd de schorsing van de voorlopige hechtenis opgeheven vanwege het niet naleven van de voorwaarden door verdachte. De uitspraak benadrukt de ernstige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer en de mogelijke langdurige geestelijke schade voor de slachtoffers.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk, wegens stelselmatige belaging van twee vrouwen.