ECLI:NL:RBALK:1999:AA4178
Rechtbank Alkmaar
- Voorlopige voorziening
- G.J.A. van Unnik
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen overplaatsing naar Vertrekcentrum Ter Apel
Verzoeker, een uitgeprocedeerde asielzoeker, werd door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) overgeplaatst naar het Vertrekcentrum (VC) Ter Apel om zijn terugkeer naar het land van herkomst voor te bereiden. Verzoeker stelde dat overplaatsing zijn gezin en gezondheid nadelig zou beïnvloeden, onder meer vanwege de schoolopleiding van zijn kinderen en de medische situatie van zijn echtgenote.
De rechtbank overwoog dat het besluit tot overplaatsing een discretionaire bevoegdheid is die marginaal wordt getoetst. De medische gegevens toonden geen zodanige verslechtering van de gezondheid aan die overplaatsing onverantwoord zou maken. Ook is het schooljaar van de kinderen ten einde op het moment van verwijderbaarheid.
De rechtbank stelde vast dat de brief van 27 april 1999 wel degelijk een besluit tot overplaatsing bevatte, dat voldoet aan de vereisten van de Algemene wet bestuursrecht. Het besluit brengt mee dat de verstrekkingen in het oude opvangcentrum vervallen en in Ter Apel worden aangeboden. De rechtbank zag geen onzorgvuldigheid of strijd met beginselen van behoorlijk bestuur en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
De procedure verliep met aanwezigheid van partijen en hun gemachtigden, waarbij verweerder onder meer stelde dat de brief geen beschikking was, maar de rechtbank volgde dit niet. De rechtbank benadrukte dat de rechtsbescherming van verzoeker volledig is gewaarborgd via bezwaar en beroep tegen eventuele beëindigingsbeschikkingen en ontruimingsprocedures.
De uitspraak werd gedaan door president G.J.A. van Unnik op 28 juni 1999 en is niet vatbaar voor rechtsmiddel.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de overplaatsing naar het Vertrekcentrum Ter Apel is afgewezen.