ECLI:NL:PHR:2023:1226

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
5 december 2023
Publicatiedatum
30 januari 2024
Zaaknummer
21/03102
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OpiumwetArt. 10 OpiumwetArt. 435 lid 1 SvArt. 437 lid 1 SvArt. 437 lid 2 Sv
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet tijdig indienen middelen

De verdachte is door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van opzettelijke overtredingen van de Opiumwet. Tegen dit arrest stelde de verdachte cassatie in bij de Hoge Raad.

De aanzegging van het cassatieberoep werd op 3 mei 2022 aan een huisgenoot op het adres van de verdachte uitgereikt. De wettelijke termijn voor het indienen van een schriftuur met middelen van cassatie liep oorspronkelijk af op 4 juli 2022, maar na een verzoek van de raadsvrouw werd een verlenging verleend tot 23 maart 2023. Gedurende deze verlengde termijn heeft de verdachte geen cassatieschriftuur ingediend.

De Hoge Raad concludeert dat de verdachte hierdoor niet in zijn cassatieberoep kan worden ontvangen op grond van artikel 437 lid 2 Sv Pro. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het cassatieberoep. Tevens wordt vermeld dat de verdachte sinds november 2022 in Noorwegen staat ingeschreven.

Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens niet tijdig indienen van middelen.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer21/03102
Zitting5 december 2023
CONCLUSIE
T.N.B.M. Spronken
In de zaak
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1979,
hierna: de verdachte

1.Inleiding

1.1
De verdachte is bij arrest van 12 juli 2021 door het gerechtshof 's-Hertogenbosch wegens (in de zaak met parketnummer 02-984812-10) onder 5 “medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro A van de Opiumwet gegeven verbod” en (in de zaak met parketnummer 02-984839-12) “medeplegen van om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, zich of een ander gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van dat feit trachten te verschaffen en voorwerpen en stoffen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit”, veroordeeld tot een gevangenisstraf van 32 maanden.
1.2
Er bestaat samenhang met de zaken 21/03043, 21/03019, 21/02994, 21/03079, 21/02959, 21/03282, 21/03101 en 21/03103. In de laatste twee zaken is reeds arrest gewezen. In de overige zaken zal ik vandaag ook concluderen.

2.Ontvankelijkheid van het beroep

2.1
Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. De aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv Pro is blijkens de akte van uitreiking op 3 mei 2022 uitgereikt aan een huisgenoot op het BRP-adres van de verdachte. [1] De in het tweede lid van art. 437 Sv Pro gestelde termijn van twee maanden liep af op 4 juli 2022. Echter, naar aanleiding van een verzoek van de raadsvrouw is een nadere termijn tot het indienen van een schriftuur houdende middelen van cassatie verleend. Deze termijn liep tot en met 23 maart 2023. Gedurende deze termijn is geen cassatieschriftuur binnengekomen.
2.2
Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge art. 437 lid 2 Sv Pro niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.

3.Conclusie

3.1
Deze conclusie strekt ertoe dat de Hoge Raad de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in het ingestelde cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG

Voetnoten

1.Blijkens de BRP-bevraging van de Hoge Raad van 6 februari 2022 was de verdachte van 22 augustus 2018 ingeschreven op het in de akte genoemde adres Weegbladtuin 29 (4824 PZ) Breda. Sinds 1 november 2022 staat de verdachte ingeschreven op het Noorweegse adres Åkebergveien 11 (0650) Oslo.