Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelklaagt over de vervangende hechtenis die aan de opgelegde schadevergoedingsmaatregel is verbonden.
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte is door het gerechtshof ’s-Hertogenbosch veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeventien maanden, waarvan negen maanden voorwaardelijk, wegens afpersing gepleegd door twee of meer verenigde personen. Daarnaast legde het hof een schadevergoedingsmaatregel op, waarbij vervangende hechtenis werd toegepast indien niet aan de verplichtingen werd voldaan.
De verdachte stelde cassatie in tegen de toepassing van vervangende hechtenis bij de schadevergoedingsmaatregel. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad concludeerde dat het middel terecht was voorgesteld en verwees naar een eerder arrest van de Hoge Raad waarin werd bepaald dat in plaats van vervangende hechtenis ook gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot vernietiging van het deel van de bestreden uitspraak waarin vervangende hechtenis is toegepast bij de schadevergoedingsmaatregel, met de bepaling dat gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast. Het overige beroep wordt verworpen. De Hoge Raad heeft op basis hiervan het arrest aangepast.
Uitkomst: Het deel van het arrest waarin vervangende hechtenis is toegepast bij de schadevergoedingsmaatregel wordt vernietigd en vervangen door gijzeling van gelijke duur.