Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat de verdachte “in ieder geval opzettelijk (open) vuur in aanraking heeft gebracht met brandbare stoffen”.
- de gasslang van het aansluitpunt van het gasfornuis gedemonteerd en/of de gaskraan geopend,
- op een of meer plek(ken) ontbrandbare vloeistoffen (te weten gas en/of een aardoliedestillaat van subklasse kookpuntbenzine en/of een paraffinisch-isoparafinisch product) opzettelijk in aanraking gebracht met (open) vuur, en/of
- de in de woning aanwezige (ontbrandbare) gassen en/of dampen opzettelijk in aanraking gebracht met (een) andere in de woning aanwezige ontstekingsbron(nen) in ieder geval opzettelijk (open) vuur en/of een andere ontstekingsbron in aanraking gebracht met (een) brandbare stof(fen), ten gevolge waarvan een ontploffing en/of brand is ontstaan en/of die woning geheel of gedeeltelijk is ontploft en/of verbrand, terwijl daarvan gemeen gevaar voor die woning en/of de in die woning en/of zich in de nabijheid van die woning/belendende percelen aanwezige goederen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen, en/of levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor zich in die woning en/of zich in de nabijheid van die woning/belendende percelen bevindende personen, in elk geval levensgevaar en/of zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen, te duchten was.”
- de gasslang van het aansluitpunt van het gasfornuis gedemonteerd en/of de gaskraan geopend,
- op meer plekken ontbrandbare vloeistoffen (te weten een aardoliedestillaat van subklasse kookpuntbenzine en een paraffinisch-isoparafinisch product) opzettelijk in aanraking gebracht met (open) vuur, of
- de in de woning aanwezige (ontbrandbare) gassen opzettelijk in aanraking gebracht met (een) andere in de woning aanwezige ontstekingsbron(nen)
in ieder geval opzettelijk (open) vuur en/of een andere ontstekingsbron in aanraking gebracht met brandbare stoffen, ten gevolge waarvan een ontploffing en brand is ontstaan en die woning geheel of gedeeltelijk is ontploft en verbrand, terwijl daarvan gemeen gevaar voor die woning en in de nabijheid van die woning aanwezige goederen, en levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor zich in de nabijheid van die woning/belendende percelen bevindende personen, te duchten was.”
Tijdens het ingestelde onderzoek in de flatwoning, werd op drie locaties de indicatie verkregen van vermoedelijke aanwezigheid van een ontbrandbare vloeistof. De woning was als gevolg van de inwerking van een explosie en brand zwaar beschadigd. Aan de zijde van de [a-straat] was de gemetselde spouwmuur met gevelelementen naar buiten gedrukt en versplinterd. Ten gevolge van het naar buiten drukken van de spouwmuur met gevelelementen raakten twee geparkeerd staande motorvoertuigen beschadigd. Op het trottoir onder de woning lagen de vernielde gevelelementen en delen van de gemetselde spouwmuur. Het glas van de ramen lag verspreid over het trottoir en een deel van de rijbaan.
De brand betrof een uitslaande brand die in de flatwoning zeer zware schade had veroorzaakt en zich had uitgebreid naar de gevelelementen van de boven gelegen woningen.
Onderzoek door het Nederlands Forensisch Instituut heeft uitgewezen dat in minimaal twee brandmonsters de aanwezigheid is aangetoond van een aardoliedestillaat van subklasse kookpuntbenzine en een paraffinisch-isoparaffinisch product. [getuige 1] heeft bij de rechter-commissaris verklaard dat hij ongeveer één maand voor de brand twee blikjes traplijmremover aan de verdachte heeft gegeven. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte bevestigd dat hij twee blikjes traplijmremover van [getuige 1] heeft gekregen. Uit de bijlage van het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut blijk dat lijmverwijderaar een ontbrandbare vloeistof is die behoort tot de klasse van isoparaffinisch producten.
Volgens de verbalisanten die het brandonderzoek hebben verricht is het meest aannemelijke scenario dat de gasslang van het gastoestel is gedemonteerd en dat in de woning een ontbrandbare vloeistof is gebracht. De echte ontstekingsbron is tijdens het onderzoek niet vastgesteld, maar deze zou kunnen zijn statische elektriciteit of het aanslaan van de compressor van een koelkast. Die vonk heeft vervolgens de op enig moment in zijn ideale mengverhouding van gas en lucht doen ontsteken.
De verdachte heeft zich volgens de aangever via brieven en zijn website voorafgaand aan 10 december 2015 bedreigend geuit naar Woonstad Rotterdam wat er op neer kwam dat Woonstad - in de ogen van de verdachte - een ambtsmisdrijf had gepleegd en dat hij (verdachte) deze 'oorlogshandelingen' zal beantwoorden met een tegenactie waarbij Woonstad moest denken aan het vernietigen van de 'kastelen' van Woonstad Rotterdam. Hierbij heeft de verdachte niet uitgesloten dat er slachtoffers zullen vallen als gevolg van deze 'oorlog'. Op de dag van de ontruiming heeft in de vroege ochtend vervolgens de ontploffing plaatsgevonden in de woning van verdachte.
Een medebewoner van het flatcomplex aan de [a-straat] , [getuige 3] , heeft bij de politie en bij de raadsheer-commissaris verklaard dat de verdachte meermalen tegen hem heeft gezegd dat hij (verdachte) de woning in de fik zou steken als hij uit er gezet zou worden. Deze verklaringen van [getuige 3] vinden naar het oordeel van het hof steun in de (de-auditu) verklaringen van andere buurtbewoners.
your home your castleis, dan kan je wel zeggen dat er een
castlevernietigd is.
tweede middelklaagt over ’s hofs verwerping van een door de verdediging ter terechtzitting gevoerd verweer.
“2. Gasexplosie?
-Verder is kennelijk door niemand gas geroken, voorafgaand aan de brand, terwijl er dus al geruime tijd gas vrij in de woning zou moeten hebben gestroomd.
-Last but not least: Er is gebruik gemaakt van een zogeheten MiniRae 2000 (brandonderzoek, p. 3). Dit apparaat is bij uitstek geschikt om vast te stellen of er vluchtige stoffen (zoals methaan, het koolwaterstof aanwezig in aardgas) aanwezig zijn in een ruimte. Als er een uitstroom van gas is geweest in de woning van cliënt, met daarna een explosie van dat gasmengsel, gevolgd door een brand, dan zouden er nog restanten van methaan te vinden moeten zijn geweest in de woning. Dat blijkt niet het geval, althans, daarover rapporteren de onderzoekers niet. Ook dat is een contra-indicatie voor het plaatsvinden van een gas (=methaan) explosie in de woning. Een meer uitgebreide uiteenzetting (van de hand van cliënt) over dit punt vindt u terug als bijlage 2.
Verweren
geenmethaan is aangetroffen en een nieuw onderzoek daarin geen verandering zal brengen, nu de verdediging immers heeft aangevoerd dat uit het uitgevoerde onderzoek blijkt dat er geen gasexplosie heeft plaatsgevonden en er dus om die reden juist geen methaan is aangetroffen”.