ECLI:NL:PHR:2018:241
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling rechtspersoon voor Opiumwet-overtredingen en gewoontewitwassen zonder strafoplegging
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam de verdachte rechtspersoon veroordeeld voor verschillende overtredingen van de Opiumwet, gewoontewitwassen en deelneming aan een criminele organisatie. Hoewel de veroordeling werd uitgesproken, werd aan de rechtspersoon geen straf of maatregel opgelegd. De zaak hangt samen met meerdere andere zaken waarin soortgelijke veroordelingen zijn uitgesproken.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad heeft geconcludeerd dat de vijf middelen van cassatie die namens de verdachte rechtspersoon zijn ingediend, geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad bevestigt hiermee het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 3 november 2016 en wijst het cassatieberoep af. De zaak betreft complexe strafrechtelijke problematiek rondom de Opiumwet, witwassen en criminele organisaties, waarbij de Hoge Raad de eerdere beoordeling onderschrijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling van de rechtspersoon blijft in stand zonder strafoplegging.