Conclusie
mishandeling”, veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van tachtig uren te vervangen door veertig dagen hechtenis. Het hof heeft de benadeelde partij in zijn vordering niet-ontvankelijk verklaard.
middelklaagt dat het hof het beroep op noodweer ten onrechte heeft verworpen. Subsidiair klaagt het middel dat het oordeel van het hof, dat een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding van de verdachte door het slachtoffer niet aannemelijk is geworden, onbegrijpelijk is. Daarmee wordt gedoeld op het oordeel van het hof dat het niet aannemelijk is dat het slachtoffer als eerste de verdachte met zijn vuisten heeft geslagen.
hij op 14 december 2014 te Schalkhaar, gemeente Deventer, [betrokkene 1] heeft mishandeld door meermalen met een houten lat tegen diens lichaam te slaan”.
De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte heeft gehandeld uit noodweer en dat hij dientengevolge van alle rechtsvervolging dient te worden ontslagen.
het juist aangever is die zijn woning verlaat en de confrontatie met verzoeker […] opzoekt en niet, zoals het Hof overweegt verzoeker”.
natuurlijk een drempel[kan]
verlagen” en dat iedereen “
denk ik iets anders[wordt]
in zijn doen en laten door alcohol” en dat hij “
natuurlijk in een boze bui” was. Verder merk ik op dat de wijze van ondervraging van [betrokkene 1] juist op dit punt – wie heeft als eerste geslagen? – door de politie niet bepaald “
open” lijkt te zijn geweest, voor zover dat op basis van het proces-verbaal kan worden beoordeeld:
V: Hij zegt dat hij reageerde op jou[w]
slaan, kan dat kloppen.A: Ik kan het van mezelf niet voorstellen. Ik denk dat ik hem in mijn verweer heb geraakt. Het ging zo snel. Ik val niet graag iemand aan. Misschien ben ik daar wel te bang voor.”
gewapend” merk ik ten slotte op dat wat het hof als plank kwalificeert, meer weg heeft van een lat. In het proces-verbaal waarin de inbeslagname wordt vermeld, wordt het stuk hout omschreven als “
118 cm x 10 cm x 1 cm”. Dat zijn afmetingen van een lat en niet van een plank, maar dat terzijde.