ECLI:NL:PHR:2016:1513

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
22 november 2016
Publicatiedatum
22 maart 2017
Zaaknummer
16/05613
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 510 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aanwijzing ander gerecht voor vervolging rechter-plaatsvervanger mishandeling

In deze beschikking heeft de Hoge Raad een verzoek van de Hoofdofficier van Justitie Midden-Nederland behandeld om op grond van artikel 510 Sv Pro een ander gerecht aan te wijzen voor de vervolging en berechting van een rechter-plaatsvervanger van de Rechtbank Noord-Nederland.

Tegen de betrokkene is aangifte gedaan wegens eenvoudige mishandeling gepleegd in april 2016 te Maarssen. Het parket acht vervolging mogelijk en wenst dagvaarding uit te brengen. Hoewel de betrokkene sinds 1 januari 2013 als rechter-plaatsvervanger staat geregistreerd, wordt hij in die functie niet ingezet, hetgeen echter niet afdoet aan de toewijsbaarheid van het verzoek.

De Hoge Raad concludeert dat het verzoek vatbaar is voor toewijzing en wijst de Rechtbank Amsterdam aan als het gerecht waar de vervolging en berechting zullen plaatsvinden, indien het Openbaar Ministerie dit nodig acht. Hiermee wordt voldaan aan de vereisten van artikel 510 Sv Pro om belangenverstrengeling of schijn van partijdigheid te voorkomen.

Uitkomst: De Hoge Raad wijst de Rechtbank Amsterdam aan voor vervolging en berechting van de rechter-plaatsvervanger.

Conclusie

Nr. S 16/05613
Parket, 22 november 2016
Mr. Silvis
Conclusie inzake:
[betrokkene]
1. Bij de Hoge Raad is binnengekomen een verzoekschrift van de Hoofdofficier van Justitie van het Arrondissementsparket Midden-Nederland om op de voet van art. 510 Sv Pro een ander gerecht aan te wijzen voor de vervolging en berechting van [betrokkene], rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Noord-Nederland. Deze rechtbank valt onder hetzelfde ressort als de Rechtbank Midden-Nederland.
2. Tegen betrokkene is aangifte gedaan ter zake van eenvoudige mishandeling gepleegd in april 2016 te Maarssen. Uit het proces-verbaal dat zich bij de door het Arrondissementsparket Midden-Nederland toegezonden stukken bevindt blijkt dat dat parket van oordeel is dat tot dagvaarding van [betrokkene] over kan worden gegaan.
3. In het register nevenfuncties wordt vermeld dat [betrokkene] rechter- plaatsvervanger is in de Rechtbank Noord-Nederland sinds 1 januari 2013 en dat hij in deze functie niet wordt ingezet. Dit doet niet af aan de toewijsbaarheid van het verzoek.
4. Uit het voorgaande volgt dat het verzoek ten aanzien van betrokkene vatbaar is voor toewijzing.
5. Ik concludeer dat de Hoge Raad een andere rechtbank - waarbij ik de Rechtbank Amsterdam in overweging geef - zal aanwijzen als het gerecht voor hetwelk, zo het Openbaar Ministerie bij de aangewezen rechtbank zulks nodig oordeelt, de vervolging en berechting van de zaak zullen plaats hebben.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden