ECLI:NL:PHR:2016:1420

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
29 november 2016
Publicatiedatum
24 januari 2017
Zaaknummer
15/05060
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad over beklag ex art. 552a Sv bij kennisneming van gegevens uit inbeslaggenomen telefoons

De zaak betreft een beklag ex artikel 552a Sv over de kennisneming en het gebruik van gegevens uit drie inbeslaggenomen telefoons, waaronder een iPhone en een Blackberry. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beklag niet-ontvankelijk omdat de telefoons reeds waren teruggegeven en omdat de uitgelezen gegevens niet zouden zijn vastgelegd bij een onderzoek in een geautomatiseerd werk zoals bedoeld in artikel 552a Sv.

De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank zich niet heeft uitgesproken over de technische aard van de telefoons en of daadwerkelijk kennis is genomen van de uitgelezen gegevens die bij een onderzoek in het geautomatiseerd werk zijn vastgelegd. De Hoge Raad benadrukt dat het arrest van 2012 (ECLI:NL:HR:2012:BX5510) niet inhoudt dat harde schijven geen geautomatiseerd werk zijn, maar dat in die zaak de gegevens niet waren vastgelegd bij een onderzoek in dat werk.

De Hoge Raad vernietigt het bestreden vonnis en wijst de zaak terug voor nadere beoordeling. De conclusie van de Procureur-Generaal ondersteunt deze benadering en wijst op het belang van de juiste toepassing van artikel 552a Sv. De Hoge Raad verwerpt het cassatiemiddel dat de rechtbank ten onrechte de telefoons niet als geautomatiseerd werk zou hebben beschouwd.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis en wijst de zaak terug voor nadere beoordeling van het beklag over kennisneming en gebruik van gegevens uit inbeslaggenomen telefoons.

Conclusie

Nr. 15/05060 B
Zitting: 29 november 2016
Mr. W.H. Vellinga
Conclusie inzake:
[klager]
Bij beschikking van 8 oktober 2015 heeft de Rechtbank Amsterdam het beklag van klager, primair strekkende tot teruggave van drie inbeslaggenomen telefoons, subsidiair gericht tegen het gebruik van de inbeslaggenomen telefoons niet-ontvankelijk verklaard.
Namens de klager heeft mr. M.E. van der Werf, advocaat te Amsterdam, één middel van cassatie voorgesteld.
Het
middelklaagt dat de rechtbank de drie inbeslaggenomen telefoons, waaronder de Iphone en de Blackberry, ten onrechte niet beschouwt als een geautomatiseerd werk.
De rechtbank overwoog in de bestreden beschikking onder meer:
“De rechtbank constateert dat de drie onder klager inbeslaggenomen telefoons op 22 maart 2015 aan klager zijn teruggegeven. Nu de telefoons reeds zijn teruggegeven kan klager niet worden ontvangen in zijn klacht over de inbeslagname en het gebruik van de telefoons. De onderhavige procedure kan slechts worden aangewend om te klagen over beslag dat nog voortduurt en niet om een oordeel te verkrijgen over de rechtmatigheid van in het verleden gelegd, maar reeds beëindigd beslag of het gebruik daarvan (zie o.a. HR 3 juni 2003, LJN AF6594).
De procedure van artikel 552a Sv voorziet evenmin in het doen van beklag tegen kennisneming en gebruik van gegevens die zijn ontleend aan inbeslaggenomen voorwerpen. De (waarschijnlijk) van de drie telefoons uitgelezen gegevens zijn ook geen gegevens “vastgelegd tijdens een doorzoeking of op vordering verstrekt” en ook niet "opgeslagen, verwerkt of overgedragen door middel van een geautomatiseerd werk en vastgelegd bij een onderzoek in zodanig werk” als bedoeld in artikel 552a Sv (vgl. HR 9 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012: BX5510).
Het beklag dient op grond van het voorgaande niet ontvankelijk te worden verklaard.”
5. Art. 552a Sv biedt de mogelijkheid te klagen over de kennisneming of het gebruik van gegevens die zijn vastgelegd tijdens een doorzoeking of op vordering verstrekt dan wel zijn vastgelegd bij een onderzoek in een geautomatiseerd werk. In HR 9 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5510 valt niet te lezen dat de Hoge Raad heeft geoordeeld dat een harde schijf geen geautomatiseerd werk is. De Hoge Raad overweegt dat “de thans aan de orde zijnde gegevens op de twee inbeslaggenomen externe harde schijven [niet kunnen] worden beschouwd als gegevens "opgeslagen, verwerkt of overgedragen door middel van een geautomatiseerd werk en vastgelegd bij een onderzoek in zodanig werk". Gaat het om “gegevens opgeslagen, verwerkt of overgedragen door middel van een geautomatiseerd werk “dan wil dat nog niet zeggen dat die gegevens zijn “vastgelegd bij een onderzoek in zodanig werk". Het kan dus heel wel zo zijn dat de Hoge Raad van oordeel was dat louter niet was voldaan aan de eis dat op die schijven staande gegevens waren vastgelegd bij een onderzoek van die harde schijven. [1]
6. Ook al zijn de gegevens van een geautomatiseerd werk uitgelezen dan is daarmee nog niet gezegd dat deze zijn vastgelegd bij een onderzoek in zo’n werk. Dat laatste wordt niet gesteld en stelt de rechtbank ook niet vast. Anders dan het middel wil, valt in de overwegingen van de rechtbank dat de (waarschijnlijk) van de drie telefoons uitgelezen gegevens geen gegevens zijn die zijn "opgeslagen, verwerkt of overgedragen door middel van een geautomatiseerd werk en vastgelegd bij een onderzoek in zodanig werk” dus niet te lezen dat de rechtbank de drie inbeslaggenomen telefoons, waaronder de Iphone en de Blackberry, niet beschouwt als een geautomatiseerd werk. Dit betekent dat het middel berust op onjuiste lezing van de overwegingen van de rechtbank.
7. Het middel faalt.
8. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.
9. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG

Voetnoten

1.Zo leest Wöretshofer, T&C Strafvordering, art. 552a, aant. 6 het arrest. Zie ook de conclusie van mijn ambtgenoot Knigge bij dit arrest die een harde schijf wel als een geautomatiseerd werk ziet maar er op wijst dat niet is voldaan aan de tweede in art. 552a lid 1 Sv verwoorde eis dat aan zo’n werk ontleende gegevens moeten zijn vastgelegd.