ECLI:NL:PHR:2015:925
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Conclusie Procureur-Generaal inzake onvoldoende belang cassatieberoep
In deze zaak heeft de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad de conclusie gegeven dat de aangevoerde klachten in het cassatieberoep geen behandeling verdienen. Dit oordeel is gebaseerd op het feit dat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld, klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij de behandeling van het beroep. Daarnaast is overwogen dat de klachten die zijn ingebracht, klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De conclusie is gegeven na bestudering van de zaak en betreft een standpunt van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad. Er is geen verdere inhoudelijke beoordeling van de klachten zelf, noch van de feiten of het bewijs in de onderliggende procedure. De conclusie richt zich uitsluitend op de ontvankelijkheid en het belang bij het cassatieberoep.
De zaak werd behandeld op de zitting van 19 mei 2015 en is geregistreerd onder nummer 14/02464. Er is geen uitspraak van de Hoge Raad zelf in deze tekst opgenomen, slechts de conclusie van de Procureur-Generaal.
Uitkomst: Cassatieberoep wordt niet behandeld wegens onvoldoende belang of niet-ontvankelijkheid van de klachten.