ECLI:NL:PHR:2015:428
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ambtshalve strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
In deze zaak heeft de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad de conclusie gegeven dat de aangevoerde klachten in het cassatieberoep geen behandeling rechtvaardigen. Dit omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep, dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
Daarnaast is ambtshalve strafvermindering voorgesteld wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie. Dit betekent dat de Hoge Raad, zonder dat de partijen dit hebben verzocht, de straf vermindert vanwege de duur van de procedure die als onredelijk lang wordt beschouwd.
De conclusie is gegeven op 17 maart 2015 en betreft een zaak met parketnummer 13/03759. Er is geen verdere inhoudelijke beoordeling van de feiten of het strafbare feit in deze conclusie opgenomen.
Uitkomst: Cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard en ambtshalve strafvermindering toegepast wegens overschrijding redelijke termijn.