ECLI:NL:PHR:2015:371
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring medeplegen opzetheling kentekenplaten en verwijst terug
De verdachte werd door het Hof Den Haag veroordeeld voor diefstal en medeplegen van opzetheling van kentekenplaten die kort na diefstal in zijn bezit werden aangetroffen. De bewezenverklaring berustte op aangiften van diefstal, politieprocessen-verbaal van de vondst van kentekenplaten in de kofferbak van de auto van verdachte, en verklaringen van verdachte zelf.
De Hoge Raad oordeelt dat hoewel de verdachte de kentekenplaten in de kofferbak had, niet zonder meer kan worden aangenomen dat hij wist dat deze door misdrijf verkregen waren. De omstandigheid dat de kentekenplaten achter een geluidsbox lagen en dat verdachte niet de enige gebruiker van de auto was, maakt het onvoldoende aannemelijk dat hij opzet had op het bezit van gestolen goederen.
Daarom is de bewezenverklaring van het medeplegen van opzetheling niet voldoende gemotiveerd en niet naar de eis der wet. De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het dit betreft en de strafoplegging, en verwijst de zaak terug naar het Hof Den Haag voor een nieuwe beoordeling in hoger beroep.
De overige verweren en het vonnis blijven onbesproken. Er is geen aanleiding voor ambtshalve vernietiging van het gehele arrest. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad ondersteunt deze beoordeling.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor het onderdeel medeplegen opzetheling en terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.