ECLI:NL:PHR:2015:1260
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens niet-tijdige indiening middelen van cassatie
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft de verdachte veroordeeld tot 21 maanden gevangenisstraf voor medeplegen van het verbergen en vernietigen van sporen na een misdrijf, en het bezit van een vals reisdocument. Daarnaast werd het Spaans paspoort van de verdachte aan het verkeer onttrokken en werden benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen.
Namens de verdachte is beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. Echter is binnen de wettelijke termijn geen schriftuur met middelen van cassatie ingediend, zoals vereist op grond van artikel 437, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Hierdoor wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad heeft deze conclusie genomen en tevens in soortgelijke zaken tegen medeverdachten geconcludeerd.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens niet-tijdige indiening van middelen van cassatie.