Conclusie
[verdachte]
middelbevat de klacht dat de bewezenverklaarde poging tot doodslag, in het bijzonder het opzet daarop, niet uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid.
bij de Hoge Raad der Nederlanden
Parket bij de Hoge Raad
Het Gerechtshof te Leeuwarden heeft verdachte veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens poging tot doodslag op 20 november 2011. Verdachte had het slachtoffer, terwijl deze op de grond lag, meerdere keren met kracht tegen het hoofd geschopt, waardoor het slachtoffer het bewustzijn verloor.
In cassatie werd aangevoerd dat het opzet op doodslag niet uit de bewijsmiddelen kon worden afgeleid, mede omdat verdachte sportschoenen droeg. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat het schoppen met geschoeide voet tegen het hoofd een aanmerkelijke kans op overlijden inhoudt en dat verdachte deze kans bewust heeft aanvaard (voorwaardelijk opzet).
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het oordeel van het Hof dat het bewijs van het opzet voldoende is onderbouwd door getuigenverklaringen en camerabeelden. Het feit dat het slachtoffer de aanval overleefde doet niet af aan de aanmerkelijke kans op overlijden die het gedrag van verdachte met zich meebracht.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor poging tot doodslag met voorwaardelijk opzet en verwerpt het cassatieberoep.