Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
delenvan alarmtoestellen. Het Hof heeft belanghebbende gevolgd in haar stelling van deze strekking, maar gezien de jurisprudentie van het Hof van Justitie (hierna: HvJ) over het begrip ‘deel’ en gelet op de vastgestelde feiten, is de conclusie dat de videomultiplexers delen zijn van alarmtoestellen mijns inziens geen gegeven. Nu in cassatie evenwel niet tegen dit oordeel van het Hof wordt opgekomen, ga ik er (veronderstellenderwijs) van uit dat de videomultiplexers wel als zodanig kunnen worden aangemerkt.
2.Feiten en procesverloop
3.Geding voor de Rechtbank en het Hof
GN-onderverdeling 8521 90 00
4.Het geding in cassatie
5.Indeling en indelingsregels
het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen, in het belang van de rechtszekerheid en van een gemakkelijke controle,
in het algemeen moet worden gezocht in de objectieve kenmerken en eigenschappen ervan, zoals deze in de tekst van de GN-post en in de aantekeningen bij de afdelingen of hoofdstukken zijn omschreven(zie met name arresten van 15 februari 2007, RUMA, C-183/06, Jurispr. blz. I-1559, punt 27; 27 september 2007, Medion en Canon Deutschland, C-208/06 en C-209/06, Jurispr. blz. I-7963, punt 34, en 20 juni 2013, Agroferm, C-568/11, nog niet gepubliceerd in de Jurisprudentie, punt 27).”
bestemmingvan het goed een rol kan spelen, namelijk wanneer die bestemming inherent is aan het product: [14]
6.Afdeling XVI, hoofdstuk 85, tariefposten 8521 en 8531 van de GN
Niettemin volgt uit de rechtspraak die het Hof heeft ontwikkeld binnen de context van de hoofdstukken 84 en 85van afdeling XVI en van hoofdstuk 90 van afdeling XVIII van de GN, dat het
begrip “delen” de aanwezigheid impliceert van een geheel, voor de werking waarvan deze delen noodzakelijk zijn(zie met name arresten van 15 februari 2007, RUMA, C-183/06 (…) punt 31; 16 juni 2011, Unomedical, C-152/10 (…) punt 29 en reeds aangehaald arrest Rohm & Haas Electronic Materials CMP Europe e.a., [21] punt 34). Uit die rechtspraak volgt dat om een artikel te kunnen doen vallen onder de “delen”, in de zin van bovengenoemde hoofdstukken, het
niet voldoende is dat wordt aangetoond dat de machine of het apparaat zonder dat artikel niet de functie kan vervullen waarvoor het is bestemd, doch dient eveneens te worden aangetoond dat de mechanische of elektronische werking van die machine of dat apparaat afhangt van de aanwezigheid van dat artikel(zie in die zin arrest van 7 februari 2002, Turbon International, C-276/00 (…) punt 30, en reeds aangehaald arrest Rohm & Haas Electronic Materials CMP Europe e.a., punt 35) (…)” [22]
Parts which are goods included in any of the headings of Chapter 84 or 85 (other than headings 84.09, 84.31, 84.48, 84.66, 84.73, 84.87, 85.03, 85.22, 85.29, 85.38 en 85.48) are in all cases to be classified in their respective headings.”
delen die als zodanig onder een van de posten van hoofdstuk 84 of 85 (andere dan de posten 8409, 8431, 8448, 8466, 8473, 8487, 8503, 8522, 8529, 8538 en 8548) kunnen worden ingedeeld, blijven onder die posten ingedeeld, ongeacht de machine waarvoor zij bestemd zijn;”
belangrijkehulpmiddelen) meen ik echter uit de GS-toelichtingen op aantekening 2 en op hoofdstuk 85 (zie citaten in 6.3.14 hierna) en uit die bij tariefpost 8531 (zie citaat in 6.3.2) te mogen opmaken dat aantekening 2 in dezen voorrang heeft en dat goederen die zowel onder een tariefpostonderverdeling voor ‘delen’ vallen (zoals tariefpostonderverdeling 8531 90 85 van de GN) als ook onder een post van hoofdstuk 84 of 85 vallen, onder laatstbedoelde post moeten worden ingedeeld.
PARTS
notapply to parts which in themselves constitute an article covered by a heading of this Section (…);
these are in all cases classified in their own appropriate heading even if specially designed to work as part of a specific machine. (…)
PARTS