Conclusie
4.Het eerste middel
5.Het tweede, derde en vierde middel
tweede middelklaagt over ’s Hofs bewijsoordeel dat inhoudt dat de personenauto van het merk/type Volvo XC70 met kenteken [AA-00-AA] waarin verdachte door verbalisanten is waargenomen dezelfde personenauto moet zijn geweest als een personenauto van hetzelfde merk/type die op 3 januari 2012 is gestolen. Het bedoelde oordeel van het Hof zou, mede in het licht van een door de verdediging ingenomen uitdrukkelijk onderbouwd standpunt, ontoereikend zijn gemotiveerd.
Volvo XC70 en kinderstoeltje en deken ([CC-00-CC])
derde middelwordt gesteld dat ’s Hofs oordeel dat verdachte op enig moment de beschikkingsmacht over de in de bewezenverklaring onder 1 genoemde personenauto van het merk/type Volvo XC70 met kenteken [AA-00-AA] heeft gehad onbegrijpelijk of ontoereikend gemotiveerd is, nu het door het Hof als bewijsmiddel 13 gebezigde proces-verbaal inhoudt dat niet verdachte maar de medeverdachte deze personenauto ten tijde van de in het bedoelde proces-verbaal gerelateerde observatie bestuurde.
vierde middelkomt op tegen ’s Hofs oordeel dat verdachte de in de bewezenverklaring onder 1 genoemde personenauto van het merk/type Volvo/S40 voorhanden heeft gehad.