ECLI:NL:PHR:2013:CA2551
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring doodslag ondanks anonieme getuigenverklaring en DNA-bewijs
Op 22 april 2010 werd het stoffelijk overschot van een vrouw in haar woning op Sint Maarten aangetroffen met meerdere verwondingen, waaronder een kapwond op het hoofd en bloedingen in de hals, die het overlijden door verstikking en hersenbloeding verklaarden.
De verdachte, broer van het slachtoffer, werd veroordeeld wegens doodslag door het slachtoffer met een nekgreep vast te houden en met kracht tegen het hoofd te slaan. Bewijs bestond uit verklaringen van een anonieme getuige die het geweld zag, DNA-bewijs van bloed van het slachtoffer op een spijkerbroek van de verdachte, en medische rapporten.
De verdediging voerde aan dat het gebruik van de anonieme getuige in strijd was met het recht op een eerlijk proces en dat het DNA-bewijs onvoldoende was. De Hoge Raad oordeelde dat de anonimiteit gerechtvaardigd was wegens ernstige bedreiging van de getuige, dat het bewijs niet uitsluitend op deze verklaring steunde, en dat de verdediging voldoende gelegenheid had gehad om vragen te stellen.
De Hoge Raad verwierp de cassatie en bevestigde het hofarrest, waarbij het oordeel van het hof over het bewijs en de motivering als begrijpelijk en rechtens aanvaardbaar werd beschouwd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling tot elf jaar en zes maanden gevangenisstraf wegens doodslag.