ECLI:NL:PHR:2013:BZ9955
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt misbruik van bevoegdheid bij aanvraag eigen faillissement ter omzeiling schuldsaneringsregeling
Verzoeker, voormalig ondernemer met schulden en woonachtig in Turkije, vroeg bij de rechtbank faillissement aan om via omzetting sneller toegang te krijgen tot de schuldsaneringsregeling. De rechtbank wees dit verzoek af wegens misbruik van bevoegdheid, omdat het faillissement niet zou leiden tot schuldenvermindering en onnodige kosten voor de curator zou veroorzaken. Het hof bevestigde dit oordeel en stelde vast dat verzoeker het faillissement aanvroeg om de wettelijke schuldsaneringsregeling te omzeilen en tijdwinst te boeken zonder voorafgaande poging tot schuldregeling met schuldeisers.
Verzoeker stelde in cassatie dat zijn voornaamste doel was om via faillissement de schulden af te wikkelen en dat de schuldsaneringsregeling slechts een optie was. De Hoge Raad onderzocht de feitelijke grondslag van het verzoek en concludeerde dat het hof terecht had geoordeeld dat verzoeker het faillissement misbruikte door het aan te vragen met een ander doel dan waarvoor de bevoegdheid is verleend.
De Hoge Raad benadrukte dat natuurlijke personen die ondernemer zijn geweest ook rechtstreeks toegang hebben tot de schuldsaneringsregeling en dat omzetting van faillissement alleen mogelijk is na een poging tot schuldregeling. De conclusie is dat het cassatieberoep wordt verworpen omdat het misbruik van bevoegdheid door verzoeker voldoende aannemelijk is gemaakt.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen omdat sprake is van misbruik van bevoegdheid bij de aanvraag van het eigen faillissement.