ECLI:NL:PHR:2013:BZ5416
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontbinding overeenkomst wegens onvoorziene omstandigheden bij niet-uitvoering fusie tussen IT-bedrijven
De zaak betreft een geschil tussen 4-Ward Holding en Synobsys Holding over de uitvoering van een overeenkomst uit 2002 waarbij 4-Ward haar aandelen in 4-Ward Software zou overdragen aan Synobsys Holding in ruil voor 45% van de aandelen in Synobsys Holding, met als doel een juridische fusie tussen de dochtervennootschappen.
Na besluitvorming in 2002 en 2003 om de fusie uit te stellen en later te beëindigen, ontstond onenigheid over nakoming van de overeenkomst. 4-Ward vorderde nakoming en schadevergoeding, terwijl Synobsys ontbinding van de overeenkomst en betaling van vorderingen eiste. De rechtbank ontbond de overeenkomst onder toekenning van schadeloosstelling, wat door partijen in hoger beroep en cassatie werd bestreden.
Het hof oordeelde dat het niet doorgaan van de fusie een onvoorziene omstandigheid was in de zin van art. 6:258 BW Pro, die ontbinding rechtvaardigde per 26 oktober 2005, de datum waarop 4-Ward haar vordering tot effectuering van de fusie had laten varen. De Hoge Raad bespreekt de terughoudendheid bij toepassing van art. 6:258 BW Pro, de proceshouding van partijen, en de motivering van het hof over de schadeloosstelling en waardebepaling.
De Hoge Raad stelt dat het hof buiten de grenzen van de rechtsstrijd is getreden door een onvoorziene omstandigheid af te leiden van de akte van 26 oktober 2005 zonder dat Synobsys zich daarop had beroepen. Ook wordt benadrukt dat de ontbinding slechts met terugwerkende kracht per die datum kan plaatsvinden. De zaak wordt verwezen voor hernieuwde beoordeling van de ontbinding, schadeloosstelling en waardebepaling, waarbij ontwikkelingen na 26 oktober 2005 in beginsel moeten worden meegenomen.
De conclusie van de Procureur-Generaal ondersteunt gedeeltelijke vernietiging en verwijzing, waarbij het incidenteel cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de ontbinding en schadeloosstelling betreft en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling.