ECLI:NL:PHR:2013:BZ1712
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg termijn voor het nemen van het koninklijk besluit tot onteigening volgens artikel 78 lid 6 Onteigeningswet
De zaak betreft een geschil over de uitleg van artikel 78 lid 6 van Pro de Onteigeningswet, waarin is bepaald dat het koninklijk besluit tot onteigening binnen zes maanden na afloop van de terinzagelegging van het ontwerpbesluit moet zijn genomen. De gemeente Weert had een perceel onteigend en stelde dat het besluit tijdig was genomen, terwijl eiseres betoogde dat ook de bekendmaking binnen deze termijn had moeten plaatsvinden.
De rechtbank had geoordeeld dat de termijn enkel ziet op het moment van het nemen van het besluit en niet op de bekendmaking, en verklaarde de gemeente ontvankelijk. Eiseres stelde beroep in cassatie in tegen deze uitleg. De Hoge Raad bevestigde dat de wettelijke tekst en de parlementaire geschiedenis erop wijzen dat het tijdstip van het nemen van het besluit bepalend is, niet de bekendmaking.
De Hoge Raad verwees naar de systematiek van de Algemene wet bestuursrecht, waarin onderscheid wordt gemaakt tussen het nemen en het bekendmaken van besluiten. Hoewel bekendmaking noodzakelijk is voor inwerkingtreding, bepaalt artikel 78 lid 6 Ow Pro alleen dat het besluit binnen zes maanden genomen moet zijn. De cassatie werd verworpen, waarmee de ontvankelijkheid van de gemeente in haar vordering tot onteigening werd bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de termijn van zes maanden ziet op het nemen van het koninklijk besluit, niet op de bekendmaking.