ECLI:NL:PHR:2013:BY8306
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel hof over alimentatie en arbeidsongeschiktheid vrouw
Partijen zijn in 1994 gehuwd en in 2009 gescheiden. De rechtbank stelde de kinderalimentatie en partneralimentatie vast, waarbij rekening werd gehouden met de betaling van vaste lasten door de man voor twee woningen. In hoger beroep wijzigde het hof deze bedragen en periodes.
De man stelde cassatieberoep in tegen het hofarrest, met klachten over het oordeel van het hof omtrent de arbeidsongeschiktheid van de vrouw en de draagkrachtberekening van de man. De vrouw voerde verweer en betoogde dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk was wegens het ontbreken van een advocaat bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk is wegens onvoldoende precisie in de middelen en dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de vrouw haar arbeidsongeschiktheid voldoende aannemelijk heeft gemaakt. Ook is het oordeel van het hof over de draagkrachtberekening niet onbegrijpelijk. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en het hofarrest blijft in stand.