ECLI:NL:PHR:2012:BX7004
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Overzichtsarrest Hoge Raad over toepassing artikel 80a RO inzake niet-ontvankelijkheid cassatie
In dit arrest bespreekt de Hoge Raad de toepassing van artikel 80a van het Wetboek van Rechtsvordering (RO), dat op 1 juli 2012 in werking is getreden en de mogelijkheid biedt om cassatieberoepen niet-ontvankelijk te verklaren. De zaak betreft een cassatieberoep tegen een veroordeling van verdachte door het Gerechtshof 's-Gravenhage voor diefstal, waarbij het cassatiemiddel evident ongegrond werd bevonden.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad licht toe dat artikel 80a RO procedureel gezien zal worden toegepast op zaken waarvan de cassatieschriftuur is ingekomen op of na 1 juli 2012. De Hoge Raad geeft aan welke soorten zaken zich lenen voor toepassing van deze regeling en hoe de procedure zal verlopen.
Dit arrest dient als een leidraad voor de verdere toepassing van artikel 80a RO en verduidelijkt de voorwaarden waaronder een cassatieberoep niet-ontvankelijk kan worden verklaard. De zaak hangt samen met een andere zaak met hetzelfde nummer, waarin eveneens een conclusie is gegeven.
Uitkomst: Cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a RO wegens evident ongegrondheid van het middel.